De comeback van een stille kracht…. Jarno Bellens

De comeback van een stille kracht…. Jarno Bellens

De renner die nooit helemaal weg was

Er zijn wielrenners die met veel lawaai hun entree maken, en er zijn er die stilletjes, bijna onopgemerkt, terugkeren. Jarno Bellens behoort tot die tweede categorie. Geen grote woorden, geen grootse aankondigingen, maar een gestage, bijna koppige drang om opnieuw te doen wat hij ooit het liefste deed: crossen. In Baal, tijdens de ploegvoorstelling van Baloise Verzekeringen – Het Poetsbureau Lions, werd duidelijk hoezeer zijn terugkeer leeft binnen het team. Sven en Thibau Nys spraken met opvallend respect over de 25‑jarige renner. Niet omdat hij al grote resultaten heeft neergezet, maar omdat hij een verhaal meebrengt dat in het moderne wielrennen steeds zeldzamer wordt: een comeback die gebouwd is op werkethiek, nuchterheid en liefde voor de sport.

Een carrière die zigzagt, maar nooit breekt

Bellens’ traject leest als een kronkelend parcours. Hij begon als BMX’er, vond zijn weg naar de cross, werd Belgisch kampioen bij de junioren en leek klaar voor een klassieke veldritcarrière. Tot corona kwam. De pandemie sloeg een gat in de jeugdcompetities, en Bellens koos voor de weg en de gravel. Daar vond hij opnieuw plezier, opnieuw ritme, opnieuw succes. Maar ergens bleef dat onverwoestbare stukje liefde voor het veld bestaan. En dus staat hij vandaag opnieuw aan de start. Niet als wonderkind, niet als belofte die moet worden ingelost, maar als renner die zichzelf opnieuw wil ontdekken. “Dit seizoen is ‘go with the flow’. Ik wil groeien, wedstrijd per wedstrijd. Als ik op het einde van het seizoen meer crosser ben dan op 1 oktober, ben ik tevreden.”

De motor van een wegrenner, het hart van een crosser

Wie Bellens vandaag ziet rijden, merkt het meteen: zijn motor is groter geworden. Drie jaar wegwedstrijden hebben hem fysiek veranderd. Hij voelt het zelf ook. “Vroeger lagen snelle omlopen en zandcrossen me het best. Nu denk ik dat modder me misschien beter ligt. Maar dat weet ik pas na het seizoen.” Het is een zoektocht die hij niet romantiseert. Geen grote ambities, geen druk. Alleen een verlangen om te voelen waar zijn plaats ligt.

Fulltime job, fulltime discipline

Wat Bellens onderscheidt van veel generatiegenoten, is zijn dagelijkse realiteit. Terwijl anderen zich volledig op de sport kunnen richten, werkt hij fulltime in shiften bij Organon, een farmaceutisch bedrijf. Zijn dagen zijn strak: eten, werken, trainen, een beetje tijd voor zijn vriendin. Het is een ritme dat hij niet mooier maakt dan het is. “Voor mijn slaapritme is dat minder goed, maar om te kunnen trainen met de ploeg is het gemakkelijker.” Het maakt zijn prestaties des te opmerkelijker. Een renner die niet leeft in een bubbel, maar in de echte wereld. Een renner die zijn sport draagt naast een job, niet eronder.

Gravel: een liefde die blijft

Dit weekend wordt het WK gravel gereden in Australië. Bellens dacht eraan om deel te nemen, maar de logistiek en zijn job maakten het onmogelijk. Hij spreekt met respect over de discipline, maar ook met realisme over de beperkte ondersteuning vanuit de Belgische wielerbond. “In Nederland is er al een bondscoach. Hier zal dat ook komen. Gravel is superhard geëxplodeerd.” Volgend jaar wil hij zich opnieuw proberen te kwalificeren. En als het lukt, gaat hij wél.

De blik van Sven en Thibau Nys

Tijdens de podcast in Baal klonk er niet alleen lof, maar ook bezorgdheid over de veldritkalender. Sven Nys hekelde het late seizoensbegin en de invloed van wegrenners die misschien nooit zullen starten. Thibau Nys wees op de zwakke bezetting van de Wereldbeker en pleitte voor een terugkeer naar een systeem waarin de beste vijftig renners mogen aantreden. Het is in die context dat Bellens’ verhaal extra betekenis krijgt. Hij is geen wegrenner die even komt piepen. Hij is een crosser die terugkeert naar zijn roots, op eigen kracht, zonder garanties.

Een renner die groeit in stilte

Jarno Bellens is geen man van grote uitspraken. Hij is een renner die luistert, observeert, werkt. Een renner die zijn comeback niet verkoopt als een sprookje, maar als een proces. Zijn doel is eenvoudig: beter worden. Niet om iemand te bewijzen dat hij terug is, maar om zichzelf te tonen dat hij het nog kan. En misschien is dat precies waarom zijn verhaal zo raakt. In een sport vol spektakel en verwachtingen is Bellens een zeldzame figuur: een stille kracht die niet schreeuwt, maar werkt. Een renner die niet droomt van glorie, maar van groei.

Bron : Jarno Bellens

Foto’s : Nancy Aerts