De Belgische veldrijder Daan Soete bevindt zich in een opmerkelijke en bijna surrealistische situatie: hij rijdt nog steeds voor het Ridley Racing Team, hoewel die ploeg in de praktijk nauwelijks nog bestaat. De structuur, staf en sportieve omkadering zijn grotendeels verdwenen, maar het team blijft formeel overeind omdat Soete nog tot februari 2027 onder contract staat.
Een ploeg die alleen nog op papier bestaat
Waar Ridley Racing vorig seizoen nog met ambitie aan de start verscheen, is vandaag vrijwel niets meer over van de oorspronkelijke werking. Mechaniekers, verzorgers en ploegleiding verdwenen uit beeld nadat het project stilviel. Soete krijgt zijn loon nog uitbetaald, maar moet steeds meer kosten zelf dragen. Hij omschrijft zichzelf intussen als “een eenmansploeg”.
Ambitieus project dat vastliep
Het team werd oorspronkelijk opgebouwd rond Joris Nieuwenhuis, die moest uitgroeien tot het uithangbord van een internationale topploeg in het veldrijden. De ambities waren groot: CEO Jochim Aerts wilde een toonaangevende offroad-formatie creëren. Sportief draaide het team behoorlijk, met sterke prestaties van Nieuwenhuis, Soete en de Spaanse kampioen Felipe Orts.
Maar achter de schermen bleek het financiële fundament wankel. Een grote hoofdsponsor bleef uit, waardoor het project onder druk kwam te staan. Nieuwenhuis vertrok uiteindelijk naar Heizomat-Cube, waarna de rest van de ploeg in onzekerheid achterbleef.
Soete moet zelf oplossingen zoeken
Voor Soete veranderde het dagelijkse leven als renner drastisch. Waar hij vroeger kon rekenen op een volledige staf, moet hij nu veel zaken zelf regelen — van materiaal tot verzorging. Vooral tijdens buitenlandse wedstrijden voelt hij het verschil. Waar Ridley Racing vorig jaar nog met een volledige omkadering naar grote gravelwedstrijden zoals Unbound Gravel trok, blijft daar vandaag niets van over.
Hij benadrukt hoe essentieel professionele begeleiding is: zonder mecaniciens, verzorgers en extra materiaal wordt het moeilijker om op topniveau te presteren.
Breder probleem in het veldrijden
Volgens Soete staat zijn situatie niet op zichzelf. Hij ziet een algemene neerwaartse trend in het veldrijden, waarbij renners steeds moeilijker een stabiel contract vinden. Hij verwijst naar renners zoals Toon Vandebosch, Ryan Kamp en Mees Hendrikx, die lang moesten zoeken naar een degelijke overeenkomst.
“Het gaat eigenlijk heel slecht met de cross”, zegt hij scherp. De inkomsten dalen, terwijl renners steeds meer kosten zelf moeten dragen. De discipline slaagt er bovendien niet in om internationaal door te breken, en het uitblijven van een olympische status helpt niet.
Blik op gravel
Daarom kijkt Soete steeds vaker richting gravelwedstrijden, een discipline die volgens hem nog groeipotentieel heeft. Terwijl het veldrijden financieel steeds onzekerder wordt, lijkt gravel een aantrekkelijker alternatief te worden voor renners die stabiliteit zoeken.




