De kop is eraf voor het Belgische duo Alupex Belgian Pandas in de Cape Epic. In de korte maar intensieve proloog kregen Frans Claes en Kevin Panhuyzen meteen een eerste stevige test voorgeschoteld onder de Zuid-Afrikaanse hitte. Het duo reed een sterke openingsrit en staat op een mooie dertiende plaats in het algemeen klassement. Het duo kijkt tevreden terug.
De proloog van de Cape Epic vond net zoals vorig jaar plaats op het prachtige Meerendal Wine Estate in Durbanville. Een aantal kleine aanpassingen zorgden voor een pittiger parcours van 20 kilometer met zo’n 650 hoogtemeters. En ook de temperaturen, die hoog in de dertig graden liepen, zorgden voor een serieuze afmattingsrace. “Ik keek er eigenlijk harder naar uit dan dat het voelde tijdens de tijdrit,” lachte Kevin Panhuyzen achteraf. “Het was heel leuk, maar misschien wel een beetje warm om te starten. Na een paar minuten voelde ik al dat ik tegen de muur zat, zeker op die laatste klim die vol in de zon lag en waar bijna geen wind stond.” Het duo had vooraf een duidelijk plan gemaakt. Op de vlakkere stukken nam Panhuyzen het kopwerk voor zijn rekening, waar hij met zijn hoge vermogens het tempo kon bepalen, terwijl Claes zich ontfermde over de klimmetjes. Dat werkte goed, al moest Panhuyzen op de slotklim opnieuw overnemen toen Claes het iets moeilijker kreeg.

Pittig parcours
Het parcours zelf had twee duidelijke gezichten. De start verliep relatief vlot, maar daarna volgde een lange en lastige klim die het verschil maakte. “Het begon snel en daarna werd het trager en technischer,” aldus Panhuyzen. “Het was echt een cross-countryachtig parcours, met veel korte inspanningen en weinig herstel.” Claes bevestigt dat gevoel. “Mijn hoofd is onderweg toch een beetje ontploft van de warmte,” vertelde hij. “Kevin had een goede dag en ik kon goed aanpikken. Op het einde zijn we samen over de top gekomen en hebben we een mooie afdaling gereden zonder risico’s.” Ondanks de zware omstandigheden overheerst tevredenheid bij het duo. “Ik heb alles gegeven,” besluit Claes. “Meer zat er vandaag niet in. Als we hier elke dag 100 tot 110 procent kunnen rijden, dan mogen we tevreden zijn.”
Morgen krijgen de renners in Montagu een rit voor de wielen geschoven van zo’n 90 kilometer. En dan moet het peloton ook al meteen meer dan 2000 hoogtemeters afwerken.
Bron: PM
Foto’s: Wim Vanderwegen




