De trainingsdag in Les Gets kreeg voor de Belgische downhilldelegatie een onverwachte wending. Tijdens een verkenningsrun voor de World Cup Downhill kwam Neo Tielens hard ten val. De 20‑jarige renner uit Tessenderlo verloor de controle in een technisch gedeelte van het parcours en greep meteen naar zijn linkerhand. Ter plaatse werd hij onderzocht en op de foto’s was een breuk zichtbaar. De medische staf kon echter niet bepalen of het om een oude of nieuwe breuk ging. Daardoor blijft de ernst van de blessure voorlopig onduidelijk. Tielens keert terug naar België, waar hij verdere onderzoeken zal ondergaan om te bepalen welke behandeling nodig is en hoe lang zijn herstelperiode zal duren. Een bittere teleurstelling voor de jonge Belg, die bezig was aan een veelbelovende opmars in het internationale DH‑circuit.
Ondertussen ging de kwalificatiedag gewoon verder, en daar viel wél Belgisch succes te noteren. Martin Maes zette een bijzonder sterke eerste run neer. Met een tweede plaats verzekerde hij zich overtuigend van een plek in de finale. Maes toont opnieuw dat hij zich thuis voelt op het snelle, ruwe terrein van Les Gets. Zijn vormpeil oogt scherp, en hij mag met vertrouwen uitkijken naar de finale van morgen. Ook bij de juniores kleurde de Belgische vlag het klassement. Briek Van Duyse reed een gecontroleerde, krachtige kwalificatierun en eindigde als vierde. Daarmee plaatst hij zich rechtstreeks voor de finale. Van Duyse bevestigt zijn constante seizoen en behoort morgen tot de renners die kunnen verrassen.
Samenvatting van de dag
Wat begon als een gewone trainingsdag, eindigde met een mix van sportieve vreugde en medische onzekerheid.
- Neo Tielens: valpartij, mogelijke handbreuk, verdere onderzoeken volgen in België.
- Martin Maes: tweede in de kwalificatie, klaar voor de DH‑finale.
- Briek Van Duyse: vierde bij de juniores, eveneens naar de finale.
De Belgische fans zullen morgen met dubbele aandacht kijken: enerzijds naar de prestaties van Maes en Van Duyse, anderzijds naar nieuws over de blessure van Tielens.
foto : Neo Tielens




